 |
Voordat uw werknemer met pensioen gaat, kan hij zelf bepalen of hij meer ouderdomspensioen wil of meer partnerpensioen. Een werknemer kan dus een gedeelte van zijn partnerpensioen inruilen voor meer ouderdomspensioen. Maar ook kan hij juist een deel van het ouderdomspensioen ruilen voor meer partnerpensioen. Is de keuze eenmaal gemaakt, dan kan dit niet meer veranderd worden.
Meer ouderdomspensioen
Nam een werknemer vóór 1 januari 2001 deel in de pensioenregeling van Bpf Groenten en Fruit, dan heeft hij partnerpensioen opgebouwd. Hij kan ervoor kiezen dit pensioen uit te ruilen voor meer ouderdomspensioen. Bijvoorbeeld omdat er geen partner is of omdat de partner zelf een pensioen opbouwt. Dan krijgt hij een hoger ouderdomspensioen. Is er een partner en wordt gekozen voor gehele of gedeeltelijke inruil van het partnerpensioen? Dan moet de partner ook akkoord gaan met deze keuze. De partner krijgt dan geen of een deel partnerpensioen bij het overlijden van de werknemer.
Meer partnerpensioen
Uw werknemer kan er in sommige gevallen ook voor kiezen om een deel van zijn ouderdomspensioen in te ruilen voor meer partnerpensioen. Dat deel wordt dan afgetrokken van het ouderdomspensioen. De ouderdomspensioenuitkering wordt dus lager. Verlaat een werknemer de bedrijfstak, dan gebeurt deze uitruil automatisch, tenzij de werknemer en de eventuele partner daarvan afzien.
Het inruilen van uw partnerpensioen heeft geen gevolgen voor de ex-partner. Deze blijft recht hebben op bijzonder partnerpensioen. Uw werknemer kan het deel van het ouderdomspensioen dat hij opbouwde tijdens de relatie met de ex-partner niet inzetten voor meer ouderdomspensioen. |