 |
Met het partner- en wezenpensioen zijn uw partner en kinderen in een aantal gevallen verzekerd van een inkomen als u overlijdt. Onder 'partner' wordt verstaan:
- uw echtgenoot of echtgenote
- degene met wie u een geregistreerd partnerschap hebt
- degene met wie u een notariële samenlevingsovereenkomst hebt, waarin is vastgelegd dat beide partners een gezamenlijke huishouding voeren, en die als begunstigde is aangewezen voor het partnerpensioen;
- daarnaast moeten beide partners op hetzelfde adres bij de gemeente staan ingeschreven en ten minste een half jaar samenwonen.
Uw kinderen krijgen tot hun 18e verjaardag elk 14% van het ouderdomspensioen. Als zij studeren of een opleiding volgen, krijgen zij tot hun 27e wezenpensioen. Stopt het kind met school of met de opleiding dan stopt ook de uitkering. Voor kinderen van wie beide ouders overleden zijn, is de uitkering 28% van het ouderdomspensioen.
Bent u gescheiden? Dan heeft uw ex-partner recht op een bijzonder partnerpensioen. Dit is het partnerpensioen dat u hebt opgebouwd tot de datum dat u uit elkaar ging.
Ik heb mijn partnerpensioen geruild voor meer ouderdomspensioen.
Ik heb mijn ouderdomspensioen geruild voor meer partnerpensioen.
Hoe vraagt mijn partner het partnerpensioen aan? |